Bewijsbrug
Als aanbidding alleen God toekomt, waarom wordt aanbidding dan op Jezus gericht?
De latere claim dat Jezus goddelijke identiteit deelt moet worden getoetst aan Sinai’s eerdere aanbiddingsgrens.
Wat dit artikel heeft vastgesteld
Het Nieuwe Testament ontwikkelt devotie tot Jezus. De christelijke verdediging is dat hij de goddelijke identiteit deelt. De Tora-toets komt eerder: Sinai richt aanbidding op Hasjem en laat tekenen geen nieuw aanbiddingsobject scheppen.
- Vastgesteld: de Tora richt Israëls aanbidding en heilige dienst op Hasjem en beschermt die trouw.
- Vastgesteld: Deuteronomium 13 laat succesvolle tekenen geen omgeleide aanbidding machtigen.
- Vastgesteld: het Nieuwe Testament ontwikkelt religieuze devotie tot Jezus.
- Mogelijk binnen christelijke theologie: als Jezus de ene goddelijke identiteit deelt, blijft aanbidding monotheïstisch.
- Niet door de Tora onderbouwd: dat Sinai aanbidding van een toekomstige mens op basis van die latere claim toestaat.
- Betwist: ontvouwt christologie Sinai of verandert zij de aanbiddingscategorie?
- Blijft de bredere claim standhouden wanneer het bredere bewijsveld met dezelfde bron-eerst methode wordt onderzocht?
De vraag die nog openstaat
Blijft de bredere claim standhouden wanneer het bredere bewijsveld met dezelfde bron-eerst methode wordt onderzocht?
Waarom dit boek de volgende stap is
Dit boek breidt de lokale vraag uit naar het bredere bewijsveld zonder de bewijslast te verlagen.
Lees The Trinity vs Absolute Unity: Sinai, Divine Simplicity, and the Limits of Relational Godhood voor de volledige boekanalyse van het bredere bewijsveld.
